5.11.25

Jack













Mijn huisarts heeft een nieuwe assistent, genaamd Jack (echte naam bij redactie bekend, LWH). Hij klinkt jong, nu al uitgeblust, onervaren en als iemand die zich bij elk telefoontje dat hij moet beantwoorden afvraagt hoe hij in vredesnaam in deze functie terecht is gekomen.

De weerstand om het gesprek aan te gaan met de beller zit hem in de stiltes die de beller dan maar uiteindelijk op gaat vullen om toch tot een enigszins constructief overleg te komen. 

De beller helpt Jack handjes bij allerhande vragen waar hij geen antwoord op heeft en die hij enkel met nog meer stille afkeer beantwoordt. Afpoeiert, zou je ook kunnen zeggen. Of Jack zegt dat hij de beller terug laat bellen door een van de huisartsen, alleen gebeurt dat nooit. Voordat de beller dat nog eens kan benadrukken heeft Jack de verbinding al verbroken. En de beller is te uitgeput om terug te bellen. Morgen maar weer.

Vandaar dat de moed mij (ook een beller/aanvankelijk slachtoffer van Jack's meerderen die hem aan deze baan hielpen) in de schoenen zakte toen hij gisteren weer de telefoon opnam, en opnieuw klonk alsof hij vanaf een andere planeet verdwaasd constateerde dat iemand hem daar had weten te bereiken. Geen 'goedemorgen', geen 'wat kan ik voor u doen'. Alleen maar een 'ja?'. En toen weer die lange, diepvermoeide stilte. 

Maar ik had een vrij simpele vraag voor hem, iets met hoeveelheden voor een herhaalrecept en of ik die wel goed had doorgegeven. En daar kon hij na kort zoeken wél een helder antwoord op geven. Iemand anders in de praktijk had de juiste hoeveelheid al doorgestuurd en dus kon hij met een 'het is al geregeld!' goede sier maken. 

Hij leek tot leven te komen, de toon van zijn stem was minder vlak, ging her en der flink de hoogte in, en zijn intense dankbaarheid was mijn deel. Omdat ik hem niet iets moeilijks had gevraagd. Of naar iets waar hij als jong kereltje rode oren van krijgt. Of hem met een via hem niet uit te voeren terugbelverzoek had opgezadeld. Ik had me nergens schuldig aan gemaakt, zijn telefoonangst verzacht en hij was de triomferende koning van het moment. 

Nu zie ik Jack in een heel ander licht, als iemand met ongelooflijk veel potentie. Als hij maar met kleine stappen mag beginnen, doemscenario's in succesverhalen kan omzetten, zoals gisteren. Het komt goed met hem, zolang hij maar af en toe een zege kan behalen, al is die nog zo klein en ook niet meteen zijn verdienste. 

Zijn we niet allemaal ergens begonnen? Gebukt gaand onder grote onzekerheid, voortkomend uit onervarenheid? En zijn doemscenario's waarin we hopeloos en onvermijdelijk falen ons allen niet maar al te goed bekend? Het is dat ik de levenservaring heb om er inmiddels een lollige draai aan te geven. Naar de buitenwereld. Vanbinnen ben ik een Jack.

En zo kwam het dat we via een recept voor oogdruppeltjes razendsnel naar elkaar toe groeiden, Jack en ik. Vanaf nu zal ik hem anders bevragen als ik weer moet bellen, hem op een moederlijke manier aansturen zonder dat hij het doorheeft. Hem de overwinning op zichzelf proberen te laten behalen. En dan, op een dag, als hij eenmaal zover is, zal hij mij verrassen met een geruststellend antwoord. Mocht hij de laan niet uitgevlogen zijn omdat andere bellers niet in Jack zien wat ik zie. Sinds gisteren. Wat ben ik blij dat hij de telefoon opnam.